BTW Kleine Ondernemersregeling (KOR) 2026: Voorwaarden, Voordelen en Valkuilen
De kleineondernemersregeling (KOR) is een vereenvoudigingsregeling binnen de omzetbelasting die kleine ondernemers vrijstelt van de BTW-verplichtingen. Sinds de herziening per 1 januari 2020 is de KOR omgevormd tot een omzetgerelateerde vrijstellingsregeling. In dit artikel bespreken wij de actuele voorwaarden, de procedure en de praktische voor- en nadelen van de KOR voor 2026.
Wat Is de KOR?
De KOR is een optionele vrijstellingsregeling op grond van artikel 25 van de Wet op de omzetbelasting 1968 (Wet OB 1968). Ondernemers die kiezen voor de KOR worden behandeld alsof zij geen BTW-ondernemer zijn: zij brengen geen BTW in rekening aan hun afnemers en hoeven geen BTW-aangiften in te dienen. Daar staat tegenover dat zij de BTW op hun inkopen niet in aftrek mogen brengen.
De KOR is daarmee een alles-of-niets-regeling: de ondernemer is ofwel volledig vrijgesteld, ofwel volledig in de reguliere BTW-heffing betrokken.
Voorwaarden 2026
Omzetgrens
De belangrijkste voorwaarde voor de KOR is dat de jaarlijkse omzet niet hoger mag zijn dan € 20.000 (exclusief BTW). Dit bedrag wordt berekend over een kalenderjaar.
De omzet omvat alle leveringen van goederen en diensten die de ondernemer verricht, met uitzondering van:
Vestiging in Nederland
De KOR is uitsluitend beschikbaar voor ondernemers die in Nederland zijn gevestigd of hier een vaste inrichting hebben. Buitenlandse ondernemers die in Nederland belastbare prestaties verrichten, komen niet in aanmerking.
Rechtsvorm
De KOR is beschikbaar voor alle rechtsvormen: eenmanszaken, vennootschappen onder firma (vof's), maatschappen, BV's, NV's, stichtingen en verenigingen. In afwijking van de oude KOR (voor 2020) is het dus ook voor rechtspersonen mogelijk om de KOR toe te passen.
Uitgesloten activiteiten
Niet alle activiteiten komen in aanmerking voor de KOR. Uitgesloten zijn:
Procedure: Aanmelden en Afmelden
Aanmelding
De ondernemer meldt zich aan voor de KOR bij de Belastingdienst. De aanmelding kan op elk moment worden gedaan, maar gaat in op de eerste dag van het volgende kwartaal. Bij een aanmelding op bijvoorbeeld 15 februari gaat de KOR in per 1 april.
De aanmelding geschiedt via het formulier 'Melding KOR' dat beschikbaar is op de website van de Belastingdienst. Na aanmelding ontvangt de ondernemer een bevestiging en worden de BTW-aangifteverplichtingen stopgezet.
Afmelding
De ondernemer kan zich vrijwillig afmelden voor de KOR, maar is daarna gebonden aan een minimumperiode van drie jaar. Dit betekent dat een ondernemer die zich afmeldt, gedurende drie jaar niet opnieuw de KOR kan toepassen.
Verplichte uittreding
Indien de omzet gedurende het kalenderjaar de grens van € 20.000 overschrijdt, eindigt de KOR op dat moment. De ondernemer is dan met terugwerkende kracht tot het moment van overschrijding BTW verschuldigd over de overschrijdende omzet. De ondernemer moet zich direct melden bij de Belastingdienst en de reguliere BTW-aangiften hervatten.
Na verplichte uittreding geldt eveneens de wachttijd van drie jaar voordat de KOR opnieuw kan worden toegepast.
Voordelen van de KOR
Administratieve vereenvoudiging
Het grootste voordeel van de KOR is de aanzienlijke administratieve vereenvoudiging. De ondernemer hoeft geen:
Voor kleine ondernemers die hoofdzakelijk aan particulieren leveren, kan dit een substantiele besparing opleveren in tijd en kosten.
Prijsvoordeel voor particuliere afnemers
Omdat de KOR-ondernemer geen BTW in rekening brengt, kan het product of de dienst goedkoper worden aangeboden aan particulieren. Particulieren kunnen immers geen BTW aftrekken, zodat de BTW voor hen een kostenpost is. Een KOR-ondernemer die een dienst levert voor € 100 is voor een particulier goedkoper dan een reguliere ondernemer die € 100 + 21% BTW = € 121 in rekening brengt.
Geen startinvestering in BTW
Startende ondernemers die verwachten dat hun omzet onder de € 20.000 zal blijven, hoeven zich niet bezig te houden met de complexiteit van het BTW-stelsel. Dit verlaagt de drempel om te starten.
Nadelen van de KOR
Geen recht op vooraftrek
Het belangrijkste nadeel is het verlies van het recht op aftrek van voorbelasting. Alle BTW op inkopen, investeringen en kosten is definitief een kostenpost. Voor ondernemers die aanzienlijke investeringen doen (bijvoorbeeld in machines, inventaris of een bedrijfspand), kan het verlies van vooraftrek meer kosten dan de administratieve besparing oplevert.
Herzieningsregels
Bij toetreding tot de KOR moeten eerder in aftrek gebrachte BTW-bedragen op investeringsgoederen (bedrijfsmiddelen) mogelijk worden herzien. De herzieningstermijn bedraagt vier jaar voor roerende zaken en negen jaar voor onroerende zaken. Bij uittreding uit de KOR geldt het omgekeerde: er kan recht ontstaan op gedeeltelijke teruggave van BTW op investeringsgoederen.
Professioneel imago
Sommige ondernemers ervaren het niet-vermelden van BTW op facturen als een nadeel voor hun professionele uitstraling. Afnemers die BTW-ondernemer zijn, kunnen de afwezigheid van BTW bovendien als ongunstig ervaren, omdat zij de BTW niet in aftrek kunnen brengen.
Drie-jaarseis
De verplichting om minimaal drie jaar in de KOR te blijven (of drie jaar buiten de KOR bij afmelding) beperkt de flexibiliteit. Ondernemers moeten zorgvuldig overwegen of hun omzet gedurende de komende jaren stabiel onder de drempel zal blijven.
KOR en Andere BTW-Faciliteiten
Margeregeling
De KOR kan niet worden gecombineerd met de margeregeling. Ondernemers die handelen in tweedehands goederen en de margeregeling toepassen, moeten kiezen tussen beide regelingen.
Verleggingsregeling
Diensten waarop de verleggingsregeling van toepassing is (bijvoorbeeld bij grensoverschrijdende B2B-diensten), vallen buiten de KOR. De KOR-ondernemer blijft verplicht om BTW op verlegde diensten aan te geven en af te dragen.
Intracommunautaire verwervingen
KOR-ondernemers die goederen verwerven uit andere EU-lidstaten boven de drempel van € 10.000 per jaar zijn verplicht om een BTW-identificatienummer aan te vragen en verwervings-BTW aan te geven. Dit beperkt het vereenvoudigingsvoordeel van de KOR.
Rekenvoorbeeld
Een freelance vertaler werkt uitsluitend voor particuliere klanten en verwacht een jaarlijkse omzet van € 18.000. De kosten bedragen € 3.000 per jaar, waarvan € 500 BTW.
Met KOR:
Zonder KOR:
In dit voorbeeld is het verschil € 500 per jaar ten gunste van de reguliere regeling. De administratieve besparing van de KOR kan dit verschil echter compenseren.
Tips voor de Praktijk
Conclusie
De KOR is een waardevolle regeling voor kleine ondernemers met een lage omzet die hoofdzakelijk aan particulieren leveren. De administratieve vereenvoudiging is het belangrijkste voordeel. Het verlies van het recht op vooraftrek is echter een reeel nadeel dat zorgvuldig moet worden afgewogen. Ondernemers die twijfelen, doen er goed aan een berekening te maken op basis van hun specifieke omstandigheden.
Dit artikel is uitsluitend informatief en vormt geen fiscaal advies. Raadpleeg een belastingadviseur voor uw specifieke situatie.